Met het duister vaart de kwade wil Over het kerkhof onder manestralen Waar stilte zingt over de dood Valt een gestalte over de graven Voor het krieken van de dag Eert schennis zich in duivels gelach Demonen betreden de heilige grond van god Vergeten in schaduw loert wraak op het moment Waar ieders ogen zijn gesloten De vuist van Satan ontfermt zich over de kerk Gebroken beenderen, stukken grafzerk Sieren de poort naar hemel Met kwade wil valt het duister neer Tussen manestralen over het kerkhof Waar dood huilt in stilte Worden de graven gestolen Daglicht onteert gelach bij heiligschennis